158
Alex van Leeuwen

Met dank aan: Jan Strijbos

Alexander, of kortweg Alex, van Leeuwen, geboren op 1 september 1927 te Amsterdam, zat aanvankelijk ondergedoken bij de familie Beerkens-Geurts in Melderslo. Toen de grond hem daar vanwege te verwachten razzia’s te heet onder de voeten werd, dook de 16-jarige Alex onder bij het gezin van Toon en Nella Strijbos-Duijkers. Toon en Nella bewoonden met hun kinderen Jan, Hay, Theo, Nelly, Pierre en Toos de historische boerderij ‘Lomshof’ aan de huidige Castenrayseweg in Castenray. Alex, die de schuilnaam ‘Piet de Leeuw’ had gekregen, moest doorgaan voor een Rotterdamse jongen. Zijn adres op de evacuatiekaart was: Van Alkemadestraat 43 Rotterdam. Door het bombardement van Rotterdam was dit adres verdwenen en het was voor de Duitsers vrijwel niet meer na te gaan of dit klopte.

’s Nachts werd Alex van Melderslo overgebracht naar boerderij Lomshof. Bij de familie Strijbos werd Alex liefdevol opgenomen en André Strijbos genoemd. De oudste twee jongens van het gezin, Jan en Hay, waren in die tijd ondergebracht bij oma Duijkers in Meerlo. Wanneer ze af en toe weer thuiskwamen, wisten ze niet beter of André was hun broer. André was een lieve jongen en werd geheel als lid van het gezin beschouwd. Naar school ging hij niet, maar hij hielp mee op de boerderij als knecht. Verder speelde hij wel gewoon met de jongelui in de buurt. Om zo min mogelijk op te vallen, ging André op de normale tijden met de kinderen Strijbos naar de kerk. Je moest proberen zo min mogelijk argwaan te wekken, maar echt bang voor verraad waren Toon en Nella Strijbos niet. Het verraad zou zeker niet van buurtgenoten en van mensen uit Castenray komen, maar NSB’ers kwamen in de dorpen nog wel eens poolshoogte nemen. Wanneer er echt gevaar dreigde, vond André een schuilplaats in een betonnen romp van een droge sloot.

Ook kon hij zich verstoppen onder een ‘schânsehoeëp’, een stapel takkenbossen om de oven in het bakhuis heet te stoken of om de aardappelen voor de varkens of de was in de sopketel te koken. Op een zekere dag werd de ‘schânsehoeëp’ echter, wellicht door baldadige jongelui, in brand gestoken. André kon ook, als er onraad dreigde, naar een enkele kilometers van Lomshof gelegen weiland, waar dikwijls de koeien van Toon Strijbos graasden. Als de kust weer veilig was, stuurde Toon Strijbos de herdershond naar het weiland, zodat André weer naar de boerderij kon komen. De hond ging altijd mee als de koeien werden gemolken, hij wist de weg dus precies en kende André goed.

Op 17 november 1944 vond er in Castenray een razzia plaats, waarbij zowel André, als Toon Strijbos en knecht Chris Peeters werden opgepakt om dwangarbeid in Duitsland te gaan verrichten. André had het meeste geluk. Hij kwam in Wuppertal terecht, waar hij aanvankelijk aan de spoorwegen moest werken. Uiteindelijk werd hij overgebracht naar een zusterklooster om daar op de kloosterboerderij te werken. Op een gegeven moment wisten de zusters zelfs dat André een Jood was, maar ze verraadden hem niet. André had het, in tegenstelling tot vrijwel alle dwangarbeiders, bij de zusters niet slecht. Hij had voldoende te eten en ook de verdere verzorging was niet slecht. Hij kon bij de zusters de deportatietijd relatief gemakkelijk doorbrengen. “Ik heb heel wat ergere dingen meegemaakt. Vrijwel mijn hele familie werd door de Duitsers uitgemoord.”, vertelde hij in 2004 bij de herdenking in Castenray. Hij kwam ook als eerste op boerderij Lomshof terug.

Op zaterdag 20 november 2004 organiseerde Stichting Heemkundig Genootschap Castenray een herdenking voor de gedeporteerden uit Castenray en Klein Oirlo. De herdenking begon al vroeg in de middag, maar Alex van Leeuwen, alias André, arriveerde met enkele familieleden pas rond 20.00 uur in Castenray om de herdenking mee te maken. Vanwege zijn streng orthodoxe geloof mochten ze pas om 17.30 uur in Amsterdam wegrijden. De heer van Leeuwen maakte de volledige onthullingsceremonie mee en ging daarna nog mee naar het gemeenschapshuis. Vervolgens ging hij met de kinderen van Toon Strijbos mee naar de woning van Jan en Toos van Dijck-Strijbos, de boerderij waar hij tijdens de oorlog verbleef. Hij had een geweldige avond.

Bij thuiskomst op zondagmorgen kwam er volgens zijn familie een weldadige rust over hem heen. Twee dagen later, op dinsdag 23 november 2004, sliep hij in zijn woonplaats Amsterdam in alle rust voor eeuwig in. Zijn familie was erg blij dat hij de herdenking in Castenray nog had mogen meemaken. Het had blijkbaar zo moeten zijn: Castenray nog eens bezoeken en vervolgens rustig sterven.

De heemkundestichting stuurde zijn familie een condoleancebericht met onder andere de mededeling dat zijn naam tot in lengte van jaren op de naamplaat bij het monument voor de gedeporteerden op het dorpsplein in Castenray vermeld zal blijven en met respect gelezen zal worden.

Waar

Wanneer